In het werk van herman de vries is kunst onlosmakelijk verbonden met natuur. Volgens zijn filosofie is de natuur eigenlijk altijd kunst, zowel binnen als buiten de museummuren. De natuur op zich is kunst. herman de vries ordent de natuur, waardoor hij deze waarneembaar en ervaarbaar maakt.

De tuin bestaat uit drie delen. Het zijn kleine botanische verzamelingen waarin je kan vergelijken én verschillen en overeenkomsten kan waarnemen. Het gaat om de zintuiglijkheid, vooral om het ervaren van de geuren en de poëzie die daarvan uitgaan. In de wintertuin staan planten die in de winter bloeien. De planten in de seringentuin zijn uitgekozen op geur. En de vlindertuin staat vol met struiken waar vlinders dol op zijn.

De tuinen zijn niet alleen van kunstzinnige betekenis maar ook van grote maatschappelijke betekenis. De botanische verzamelingen tonen de rijkdom en diversiteit van de natuur maar dragen hier ook actief aan bij. De verscheidenheid aan planten en struiken biedt een thuis en voeding aan allerlei insecten en vlinders en draagt zo bij aan de biodiversiteit.
Herman toont de natuur zoals zij is. In de tuinen staan vier bankjes met een uitnodiging: kijk uit je ogen, gewaar zijn, volg je neus, hier zijn. De tuinen van herman zijn een kunstwerk zonder lijst, een collectie van ervaringen.

Locatie (2):
De tuinen van herman de vries (2012) zijn te vinden aan het Broenshof 2 in Diepenheim.