Archief

GROEPSTENTOONSTELLING

Jonge Beeldhouwers Enschede/Kampen

Katja Becker • Teun van der Eerden • Elly van Hout • Alex Jacobs • Marieke de Jong • Adri Schokker • Hester Slingenberg

Sinds enkele jaren wordt telkens in de maand november een tentoonstelling samengesteld van werk van afgestudeerden van de Beeldhouwafdeling van de AKI Akademie voor Beeldende Kunst en Vormgeving te Enschede. Dit jaar wordt voor het eerst met deze traditie gebroken. Drie van de deelnemers van Jonge Beeldhouwers komen van de Christelijke Hogeschool Constantijn Huygens uit Kampen. De verrassende kwaliteit van het eindexamenwerk heeft de tentoonstellingscommissie ervan overtuigd om, naast vier AKI-beeldhouwers, ook drie kunstenaars uit Kampen te vragen mee te doen. Het is interessant om te zien dat bij alle deelnemers al een sterk, autonoom beeld is ontwikkeld. De diversiteit in toepassing van vormen en materialen is onverminderd groot.

Behalve de hier globaal beschreven eindexamenwerken, zullen de kunstenaars elk ook een werk laten zien dat in de laatste maanden is ontstaan.

Het werk van Katja Becker wordt gekenmerkt door een sterke drang de menselijke figuur een hoofdrol te geven. Meestal beeldt zij personen uit met speciale houdingen en gezichtsuitdrukkingen, die naast een zekere melancholie ook soms iets tragisch en eenzaams uitstralen. In het polyester beeld dat zij laat zien is de menselijke figuur in feite opgegaan in een object, te weten een badkuip.

Teun van der Eerden maakt zijn meeste beelden van polyester. De dikwijls ‘bruikbaar’ lijkende beelden, zijn niet gespeend van ironie. Hun schijnbare belangrijkheid wordt bij hun functioneren onmiddelijk gerelativeerd. Op een rustbank kun je ineens liggen trillen. In een klein ruimteschip word je in een afgesloten cockpit door speakers met geluid overvallen. De gesuggereerde nuttigheid blijkt dus vaak een nuttigheid met een knipoog.

Elly van den Hout werkt met zeer diverse materialen. In haar werk komt het in die toepassing van materiaal heel nauw. Haar beelden hebben in feite nauwelijks uitgesproken vormen. Een groot werk op de vloer lijkt een kleed waar kleine snavels of bekjes je de indruk geven alsof iets zich aan het aardse, het bedekte, wil onttrekken. De beelden hebben daardoor iets dubbelzinnigs.

Alex Jacobs lijkt in zijn gipsen beelden op een subtiele manier, door de toepassing van een kleur, een zekere zachtheid en aangenaamheid in het betrekkelijk kille materiaal te stoppen. De vormen zijn uitgesproken en verwijzen naar fictieve raketvormen of dieren. De meestal uit een vorm gemaakte werken zijn zeer hedendaags, maar stralen ook iets uit alsof ze er altijd geweest zijn. Ook Jacobs werk werkt op verschillende niveaus.

Marieke de Jong heeft in een groot, installatief beeld, een wereld geschapen die vervreemdend overkomt. In eenvoudige houten frames hangen objecten die duidelijk aan kleding refereren. Het zijn enorme jassen en jurken. Het bijzondere en bizarre zit hem in het feit dat de beelden allemaal gemaakt zijn van matrassen. De plaatsing, zo hangend, en de hoeveelheid, die imponerend is, heeft iets dramatisch en kan in enkele beelden ook ontroeren.

Adri Schokker is de enige deelnemer met videowerken. Zijn werk, dat op twee synchroon lopende monitoren te zien is, is een harde wereld tegenover een milde, poëtische. De hoog in netten opgehangen beelden houden je continu bezig. De duidelijk aanwezige personen in zijn werken zijn sterk beeldend in hun handelen.

Hester Slingenberg gaat in haar beelden dikwijls uit van een schijnbaar eenvoudige ervaring die zij had als kind. Het werk kan verwijzen naar speelattributen, maar in haar vreemd in elkaar gevlochten stoel van latex schotelt ze ons een toch ingewikkelde wereld voor. De vreemde opening en het opgerolde rubber hebben eerder iets van een volwassen, erotische wereld. Het werk is niet eenduidig te benoemen, maar roept bepaald vragen op.