Archief

MÓNICA
DE
MIGUEL
RUBIO

Objecten, foto's en tekeningen

In het werk van Mónica de Miguel Rubio (Salamanca 1970) speelt het menselijk lichaam een belangrijke rol. Zij maakt daarbij onder meer gebruik van kledingstukken, verschillende attributen en beschermende sportaccessoires. In haar vroege sculpturen, die zij maakte in 1993 – 1994, riep zij de aanwezigheid op van de menselijke figuur door kledingstukken te sluiten en deze op te vullen met bijvoorbeeld zand en gips. Haar latere werk bestaat uit vreemde objecten die bedoeld lijken om het kwetsbare lijf te beschermen of die als een soort van medische en orthopedische hulpstukken onze gebreken trachten te compenseren. Ze lijken functioneel, maar sluiten nauwelijks aan bij de menselijke anatomie.

Het werk van Mónica is geen onbekende voor de Kunstvereniging Diepenheim. In september 2000, tijdens de tentoonstelling ter gelegenheid van het tienjarig bestaan, exposeerde zij het werk ‘Fitting’ uit de serie ‘Sostenes’ uit 1997. Het bestaat uit twee witte boekenplanksteunen die op enige afstand van elkaar zijn opgehangen, met daar strak tussen gespannen het elastieken ‘frame’ van een witte bh. Dat wil zeggen: alleen het elastiek met de verstelbare schuifjes aan de schouderbandjes en de haakjes van de sluiting, de stof van de cups is verwijderd.

Het roept herinneringen op aan het oorspronkelijke kledingstuk, maar wordt letterlijk uit zijn verband getrokken en in een andere context gepresenteerd.

Naast sculpturen en foto’s zijn in de Kunstvereniging ook tekeningen te zien. In de meest recente ervan zijn met name vrouwelijke figuren te zien. Hun karakter wordt bepaald door de kleding en accessoires die zij dragen en door de houding die zij innemen. In een aantal tekeningen figureren drie karakters: de zwemster, met badmuts en reddingsvest. het gewonde meisje met verband om haar hoofd en lichaam en de zelfmoordactiviste met bivakmuts en vest met springstof. De karakters zijn inwisselbaar en staan voor de verschillende houdingen ten aanzien van conflicten. In de editie ‘suicide, victim, swimmer’ die Mónica voor deze expositie beschikbaar stelde zijn deze karakters eveneens te herkennen. De editie bestaat uit een papieren aankleedpop. Door de pop van andere attributen te voorzien verandert deze van identiteit.

In het dagelijks leven dient kleding om anderen te laten zien wie we zijn en waar we staan in het leven, maar ook om te laten zien we willen zijn en bij welke groep we willen horen. De manier waarop wij ons presenteren zegt iets over onze identiteit. Daarnaast dienen kledingstukken en accessoires ter bescherming tegen allerlei invloeden van buitenaf: weer en wind, pech, ongelukken, epidemieën, terroristische aanslagen enzovoort.

Mónica de Miguel Rubio stelt vragen over al deze aspecten en speelt met de vreemde dubbelzinnige relatie tussen kleding en identiteit, lichaam en object.

Tine Zevenhuizen