Archief

HELEN
FRIK

Solotentoonstelling

De laatste, grote solotentoonstelling van Helen Frik vond begin 1996 plaats in het Stedelijk Museum te Amsterdam. Lag in deze tentoonstelling de nadruk op de tekeningen, in de Kunstvereniging zijn nog niet eerder getoonde beelden uit de laatste twee jaar te zien, met enkele tekeningen op groot formaat.

Tegelijk met de tentoonstelling in het Stedelijk Museum bracht Helen Frik een boek uit over haar werk met de titel ‘It really does matter’. In dit boek wilde zij een beeld geven van haar levenshouding. Eigen teksten waren gecombineerd met een eigenzinnige, expressieve vormgeving. Haar werkterrein werd toegelicht met voorbeelden uit haar denkwereld. De inrichting van Friks tentoonstelling in de Kunstvereniging vertoont een sterke verwantschap met ‘It really does matter’. In de ruimte zijn telkens kleine aanwijzingen ‘gestrooid’ in de vorm van teksten, woorden en ‘mini-statements’.

De getoonde beelden hebben met elkaar gemeen dat ze figuren/figuranten bevatten. Een serie van vijf werken heeft als centrale figuur de ‘Hard Worker’, die telkens in een moeilijke situatie verstrikt raakt. Meerdere grote beelden hebben de wisselwerking tussen twee figuren als thema: ‘Can’t, Won’t’ is een tombeachtige sokkel met twee liggende figuren, de een van reuzenformaat, de ander, die ernaast ligt, heeft meer een kindermaat. Met hun kleur, fel turkoois, vestigen ze de aandacht op hun subtiele lichaamstaal: met een hand, die tot een vuist is gebald en een hoofd dat met moeite een paar graden is weggedraaid, wordt duidelijk gemaakt dat het hier om een hoogst ongemakkelijke relatie gaat. In ‘He meant it well’, kijkt een mannenfiguur, een simpele ziel, geknipt uit bordeauxrood vilt, met een

vriendelijke glimlach in de richting van een meisje. Hij houdt een vilten kist voor zich, met daarin een enorme penis. Het meisje, dat aan de achterzijde aan Alice in Wonderland doet denken, blijkt aan de voorzijde een knielende, treurende vrouwenfiguur te zijn. Hier is sprake van een verstilde onrust, van onuitgesproken emoties.

‘Birth of Style’ biedt een veel vrolijker aanblik. Op een onderstel van een oude lompe fauteuil rust een ‘strakke’ glanzend zwarte leunstoel. Hierop ligt een bundel lakens waar een gestreepte vaandel uitsteekt, die de staart blijkt te zijn van een opblaastijger. De rest van het lichaam van de tijger is in maagdelijk witte lakens ingezwachteld. Onder zijn kop hangt een mensenhoofd. Evenals bij de man van vilt is dit het ‘silly’, onschuldige hoofd van een simpel mens, ditmaal uitgevoerd in zachtroze gietrubber.

In ‘Deaf, Dumb and Blind’ staan drie bronzen figuren, van wie we moeten aannemen dat ze een mankement hebben, in de buurt van elkaar, geïsoleerd in hun handicap.
Helen Frik heeft een benijdenswaardige fantasie. Ze benut een ongebreideld scala aan materialen, technieken en stijlen. Haar grote relativeringsvermogen maakt dat ook in een diep treurig en serieus onderwerp nog een welkome lach verscholen zit.
In een van haar tekeningen staat een gigantische axolotl, die denkt: ‘HUMAN PARASITES! Ugh!!’.
Het werk van Helen Frik becommentarieert alle aspecten, van gewichtig tot triviaal, van het menselijk leven om haar heen. De werken kunnen complex zijn, maar Frik vraagt in feite niets meer dan een reactie vanuit de positie van een medemens.