Archief

TOM
CLAASSEN

Solotentoonstelling

De beeldhouwwerken van de Bredase kunstenaar Tom Claassen zijn op een raadselachtige manier complex en eenvoudig tegelijk. De vormen die hij kiest komen ons in het algemeen bekend en herkenbaar voor, maar de mystificaties die Claassen zijn werken meegeeft zijn gelegen in een lichte stilering van de uitgangsvorm en een bijzondere keuze voor materiaal.
Het beeld zonder titel / untitled (zandleeuwen / lions of sand) uit 1990–1997 bijvoorbeeld heeft hij op een paar plaatsen gemaakt. Het bestaat uit een tapijt van zand, waarin de contouren van een dier te zien zijn, dat als het ware wegkruipt uit de zandvorm. Het geheel heeft veel van een platgereden leeuw en doet denken aan de dierenvellen die vroeger als vloerkleed werden gebruikt. Minder goed te plaatsen is een vorm van siliconrubber die eveneens op de grond ligt en die, met garen doorstikt, wat onnozel ligt te wezen. Uiteindelijk blijkt het om een dekbed te gaan waaronder je vaag een gestalte vermoed. Dat gegeven van een wat ingezakt liggend beeld heeft Claassen vaker toegepast. Een enkele maal heeft hij hiervoor een niet flexibel materiaal gebruikt, zodat slechts gesuggereerd wordt dat het werk een zekere slapheid heeft. Een zonder titel / untitled (baby) uit 1995 is een soort pop die zowel in brons als keramiek is uitgevoerd. Je kunt bijna vermoeden dat het van een bepaalde hoogte naar beneden is gevallen. Tot je ontdekt dat de vorm een kind is met bokshandschoenen, dat geveld lijkt door een onbekende kracht.
De beelden die refereren aan dieren zijn grove verwijzingen naar een hond, een paard, een walrus, vogels enzovoort. Ze hebben vrijwel nooit de specifieke kenmerken van een bepaald ras, maar zijn meer aanduidingen van het soort dier. Het oorspronkelijke dier blijkt direct herkenbaar. De bedoeling van de grote, gestileerde vorm heeft Tom Claassen wel samengevat als ‘het moet groot, maar ook een beetje zielig’. Het gaat hem er nooit om om met een beeld te imponeren. Dat ze dat doen op kwalitatief niveau ligt in de adequate uitvoering in materiaal en de kracht van de vorm. Claassen heeft het niet nodig om met veel geweld van materialen en

vormen te imponeren. Veel hedendaagse beeldhouwkunst is opgebouwd uit een grote variëteit aan materialen en vormen. Claassens werken hebben daarmee vergeleken een ouderwetse eenvoud en kracht. Zelfs in de werkwijze zit iets traditioneels. Al hakt hij zijn werk dan niet uit steen of marmer, hij kapte een aantal beelden wel uit piepschuim. Het materiaal fascineert hem door de structuur, de op elkaar gedrukte witte bolletjes, die cellen lijken en door het onedele dat piepschuim heeft.
Tom Claassen gebruikte in de loop der jaren veel verschillende materialen: zand, brons, gietijzer, aluminium, keramiek, latex, siliconen, enzovoort. De materiaalkeuze geeft een beeld een bijzondere spanning mee. Vorm, huid en maat lijken voortdurend een frappant verbond aan te gaan.

Het beeld dat voor de Kunstvereniging Diepenheim wordt gemaakt heeft geen titel. De referenties liggen in wat door de kunstenaar ‘kweekbedden’ is genoemd. Het wordt een groot en bizar beeld van piepschuim, waarin in ‘kweekbedden’ de vormen van uitgehakte en geschuurde champignons en boerenkool te herkennen zijn. Het geheel maakt de indruk van een in de winter besneeuwde groententuin. In feite kweekt Claassen met dit beeld zijn eigen vorm. Ook nu is de figuratieve verwijzing van belang, maar door de maat van het werk zit er onmiskenbaar een zekere ironie in. De keuze voor een materiaal en de duidelijke vormen moet een ‘stevig’ beeld opleveren. De meer horizontale champignon- en de vertikalere boerenkoolvormen zullen vanuit een grovere aanzet groeien naar een precieser beeld.

Hoe de kweekbedden zich uiteindelijk tot de ruimte van de Kunstvereniging Diepenheim verhouden en wat het vervreemdend effect is van deze nieuwe ‘binnentuin’ zal pas blijken bij de definitieve installatie. Wellicht wordt het een licht ironische en melancholieke herinnering, in dit beginnend voorjaar, aan een winter die niet echt een winter heeft willen worden.

Arno Kramer